Milieunieuws

randemaaier
Klik om te vergroten

Halverwege het jaar hou die maaier klaar?

De eerste gewassen worden al geoogst en nieuwe gewassen worden gezaaid of gepland. Dit is misschien ook even het moment om te kijken naar de toestand van de randen. Staan deze er wat ruiger bij of tonen de onkruiden tekenen van bloei dan is het nu het moment om deze te maaien om zaadvorming te voorkomen.

Door de verstrengde wetgeving is het niet meer toegestaan om de perceelsranden langs een waterloop te behandelen met gewasbeschermingsmiddelen. Langs geklasseerde waterlopen is het zelfs verboden om de eerste meter vanaf de bovenzijden van de oever te bewerken.
Maar hoe dan de oevers van je grachten onderhouden? Geen onderhoud is niet aan de orde daar de randen dan verruigen met ongewenste onkruid-en struikgroei als gevolg. Maaien met afvoer is de enige oplossing die op termijn zorgt voor een goed ontwikkelde vegetatie zonder probleemonkruiden. Niet iedereen heeft echter een maaier die geschikt is om dergelijke werkzaamheden uit te voeren, maar binnen hey Leaderproject 'De randenmaaier samen aan de slag' willen we een oplossing bieden voor bewoners in het buitengebied en voor landbouwers. Het maaien kan gebeuren met onze aangepaste klepelmaaier. Niet enkel randen langs waterlopen, maar ook bosranden, dreven en randen tussen percelen of langs grachten kunnen op deze manier onderhouden worden. Afhankelijk van de teelt kan de maaier op smalle of brede wielen geplaatst worden zodat hij heel het jaar door gebruikt kan worden. Tijdens de duur van het project kan de kostprijs worden beperkt.

Tijdens de projectfase wordt een kostprijs aangerekend van 40 euro per uur. Deze prijs omvat alle kosten voor de maaier, tractor en de bediening ervan.
Daarnaast wordt ook een aanrijvergoeding van 15 euro per dossier aangerekend.

De machine is speciaal voor deze werkzaamheden gebouwd en kan in een uur tijd heel wat meters maaien. Zo hebben we begin juni de randen van 15 ha maisland (op 8 percelen) gemaaid. Er waren bijna geen hindernissen aanwezig, dus konden we vlot doorrijden tegen 2a3 km/uur. Voor deze maaibeurt hebben we 3,5 u gewerkt. Voor slechts 155 euro hebben we bij deze landbouwer de randen van 15 ha maisland proper kunnen maken.  

Ben je geïnteresseerd om deze maaier in te zetten om jouw randen te onderhouden, neem dan contact op met:
Mathias Dhooghe (randenmaaier@agrobeheercentrum.be of 0473 38 48 74
Tom Van Nieuwenhove (tom.vannieuwenhove@inagro.be of 051 27 32 00
of schrijf in via de website

Let op voor de gevaren van bacterievuur en reuzenberenklauw

Bacterievuur – help deze vervelende plantenziekte in te dijken!

Bacterievuur is een plantenziekte, die vooral planten van de Rozenfamilie treft. De bekendste zijn Meidoorn (Crataegus), Peer (Pyrus), Appel, (Malus), Dwergmispel, (Cotoneaster), Vuurdoorn, (Pyracantha), Kweepeer, (Cydonia), Meelbes / lijsterbes, (Sorbus) en Krentenboompje, (Amelanchier)

Bacterievuur bezorgt vooral fruitkwekers (peer, maar ook appel) kopzorgen. Ook boomkwekers kunnen met de ziekte te maken krijgen.
Maar ook U bent (misschien) betrokken partij. Vele sierstruiken zijn immers ook gevoelig voor de ziekte. Ook tuinen kunnen dus ‘geïnfecteerd’ zijn. Dit betekent verlies van mooie planten in de tuin, maar zeker ook zijn deze geïnfecteerde planten een mogelijke bron van nieuwe infectie.  

De eerste vraag, die u zich moet stellen, is of er in uw tuin bacterievuurgevoelige planten staan.  
Is het antwoord ‘ja’, geen paniek, de plant is niet noodzakelijk geïnfecteerd. Hou ze echter wel extra in de gaten! Dé maanden waarin de ziekte in de regel toeslaat zijn mei/juni (maar ook nog tot in augustus). Hét meest typerende ziektebeeld is de bruin-, zwartverkleuring van de bloesems, vruchten, bladeren en jonge twijgen (als door ‘vuur verschroeid’). Twijgen en bladeren krullen daarbij ook typisch om.  

Denk je de ziekte vast te stellen? 
Les 1 : genezing van de ziekte met chemische middelen (antibiotica) is niet mogelijk!! Laat u op dat vlak niets wijsmaken …
Les 2 : snoei zieke plantendelen weg, tot minstens 50 cm (!) onder de zichtbare aantasting, rooi de aangetaste plant desnoods helemaal!

Les 3 : vernietig het weggesnoeide of gerooide hout, het liefst door verbranding (doe dit zelf, als het wettelijk is toegestaan, of voer de plantenresten af naar de verbrandingsoven, niet om te composteren, maar om te verbranden!)

Terwijl je met dit alles bezig bent, let je erop dat je tijdens je werken de ziekte niet verder verspreid 
1) vermijd contact tussen gezond en weggesnoeid hout
2) zorg dat je met je handen niet constant vergrijpt van geïnfecteerd naar gezond hout. 
3) pak weggesnoeide takken goed in
4) Ontsmet je snoeimes tussen twee knippen door (Dettol heeft bijvoorbeeld kiemdodende werking)

Reuzenberenklauw gezien?

De nieuwe geluidsnormen bij muziekactiviteiten

Op 1 januari 2013 zijn de nieuwe geluidsnormen in heel Vlaanderen in werking getreden.
Deze normen zijn van toepassing op alle publiek toegankelijke plaatsen/evenementen waar er elektronisch versterkte muziek wordt gespeeld.

Dus ook in jouw uitbating!

Nieuw is dat er gewerkt wordt met verschillende ‘plafonds’. Zo kan je als organisator of uitbater aangeven wat je als bovengrens wil hanteren, op maat van jouw situatie. Echter, hoe hoger je geluidsvolume is, hoe meer flankerende maatregelen (aanbieden oordopjes e.d…) je dient te nemen.

geluidsnormen

Als organisator/uitbater maak je een keuze tussen 3 categorieën, afhankelijk van je situatie:

Categorie 1 gaat tot een maximaal geluidsniveau van 85dB(A).

Deze categorie is vooral bedoeld voor een ‘stil’ jeugdhuis of café of andere, waar er enkel achtergrondmuziek wordt gespeeld. Als je deze categorie verkiest, moet je niets doen. 85 dB(A)LAeq,15min. wil zeggen dat je geen fuiven, concerten of deejayavonden organiseert. Uitzonderingen hierop kunnen worden aangevraagd bij het college van Burgemeesteren schepenen, zie hieronder.

Wat moet ik aanvragen?

Wie beneden de 85 db(A) LAeq,15min blijft, hoeft dit enkel te melden via dit document en een uitzondering aanvragen bij het college van Burgemeester en schepenen bij het organiseren van een activiteit.

Categorie 2 gaat tot een maximaal geluidsniveau van 95dB(A), waarbij meten verplicht is maar registeren niet.

Bijvoorbeeld muziekcafés vallen onder categorie 2 en moeten eenmalig een melding doen bij het College van Burgemeester en Schepenen. De uitbating valt dan onder de bepalingen van VLAREM, meldingsklasse 3. Een akoestisch onderzoek is in principe niet nodig. Een meettoestel of een geluidsbegrenzer is wel nodig. Want je bent verplicht om gedurende je volledige activiteit het geluid te meten, zowel voor elektronisch versterkte muziek als achtergrondgeluid. Wie liever niet meet, kan ook kiezen voor het installeren van een geluidsbegrenzer die zo is afgesteld dat de norm gerespecteerd wordt. Uitzonderingen zijn ook mogelijk.

Wat moet ik aanvragen?

Wie op dezelfde plaats muziekactiviteiten organiseert tussen de 85 db(A) L Aeq,15min en de 95 db(A) L Aeq,15min moet een melding bij het college van burgemeester en schepenen indienen. (Vlarem: ingedeelde inrichting klasse 3)

Welke bijkomende maatregelen moet ik nemen?

  • U meet het geluidsvolume gedurende de volledige activiteit met een reglementair meettoestel. Dit wil zeggen het apparaat voldoet aan de eisen van de ‘klasse 2’ (dat is een bepaalde productnormering volgens internationale normen)
  • Het gemeten geluidsvolume is permanent zichtbaar voor de persoon die het geluidsvolume bedient.

Voor categorie 3 geldt een maximaal geluidsniveau van 100dB(A), ter hoogte van de mengtafel gemeten over een periode van 1 uur.

Deze categorie is bedoeld voor inrichtingen die op permanente basis fuiven of concerten organiseren.

Wat moet ik aanvragen?

Wie op dezelfde plaats muziekactiviteiten organiseert tussen de 95 db(A) LAeq, 15min en de 100 db(A) LAeq, 60min moet een milieuvergunningsaanvraag indienen bij het college van burgemeester en schepenen indienen. (Vlarem: ingedeelde inrichting klasse 2)

Welke bijkomende maatregelen moet ik nemen?

  • U meet het geluidsvolume gedurende de volledige activiteit met een reglementair meettoestel. Dit wil zeggen het apparaat voldoet aan de eisen van de ‘klasse 2’ (dat is een bepaalde productnormering volgens internationale normen).
  • U registreert of ‘logt’ het gemeten geluidsvolume gedurende de volledige activiteit, zodat ook na de activiteit kan nagekeken worden welke geluidsvolumes er op welk ogenblik geproduceerd zijn. U houdt de geregistreerde meetgegevens minstens één maand bij.
  • Het gemeten geluidsvolume is permanent zichtbaar voor de persoon die het geluidsvolume bedient.
  • U stelt gratis oordopjes ter beschikking van het publiek.


Mogelijke uitzonderingen per categorie

In categorie 1
Indien je voor categorie 1 zou kiezen zijn er uitzonderingen mogelijk:

Het college van burgemeester en schepenen kan in een aantal gevallen voor deze muziekactiviteiten een maximaal geluidsniveau = 95 dB(A) LAeq,15min (=categorie 2) of = 100 dB(A) LAeq,60min (=categorie 3) toelaten.

Dit kan: - maximaal 12 keer per jaar en
             - maximaal 2 keer per maand en
             - het totaal aantal dagen mag maximaal 24 kalenderdagen zijn

In categorie 2

Het college van burgemeester en schepenen kan in een aantal gevallen voor deze muziekactiviteiten een maximaal geluidsniveau = 100 dB(A) LAeq,60min (= categorie 3) toelaten:

Korte muziekactiviteiten (bijvoorbeeld een concert) die:

  • maximaal 3 uur duren en
  • doorgaan tussen 12u ’s middags en 24u ’s nachts en
  • gedurende één periode per dag

Bijzondere gelegenheden (bijvoorbeeld een fuif) die:

  • langer dan 3 uur duren en
  • maximaal 12 keer per jaar en
  • maximaal 2 keer per maand en
  • totaal aantal dagen mag maximaal 24 kalenderdagen zijn.

En wat met een activiteit in openlucht?

Indien jouw activiteit buiten plaats vindt, val je automatisch in categorie 1 (= 85 dB(A) LAeq,15min gemeten op de plaats waar de bezoekers van jouw activiteit zich bevinden).

De organisatie kan wel een uitzondering vragen aan het College van Burgemeester en schepenen om in categorie 2 of 3 te vallen. Het College kan daarnaast ook strengere normen opleggen voor geluidsniveau in de omgeving van de activiteit.

Geluidsmetingen op jouw activiteit

De gemeente Ruiselede onderzoekt momenteel de mogelijkheden om geluidsmeters aan te kopen, die ter beschikking kunnen worden gesteld van organisatoren. Deze meters, volledig conform met de nieuwe wetgeving, zullen worden aangekocht samen met andere steden, gemeentes en jeugdhuizen, om de prijs te drukken. Meer nieuws hierover binnenkort.

Afhankelijk van jouw categorie (of de uitzondering waarin je thuishoort bij een bepaalde activiteit), ben je als organisatie verantwoordelijk voor het meten van het geluidsniveau tijdens jouw activiteit. Op deze manier controleer je zelf of je binnen het wettelijke geluidsniveau aan het werken bent.

De wetgeving zegt dat je steeds een representatieve meetplaats dient te gebruiken hiervoor. Dit wil zeggen dat je best niet gaat meten vlakbij de geluidsbron of tegen het plafond (geluidreflectie mogelijk). Logischer is om centraal te meten, naar de geluidsinstallatie toe, op 1,5 tot 2 meter hoogte (bij concerten – aan de mengtafel).

Controle

Het niet respecteren van de geluidsniveaus valt onder de milieumisdrijven en kan dus aanzien worden als een milieu-inbreuk. Op jouw activiteit kan er een controle worden gedaan door een bevoegde ambtenaar of politieagent, die het geluidsniveau kan nagaan e.d. Als er inbreuken worden vastgesteld, kan je strafrechtelijk of administratief vervolgd worden.

Organisator vs. uitbater

Ben je een uitbater? Dan moet je zorgen dat je in regel bent met je juiste vergunning.

Opgelet, jij bent als uitbater verantwoordelijk voor het aanvragen van een milieuvergunning (categorie 3) of een melding (categorie 2) bij het college van burgemeester en schepenen (zie tabel hierboven).

Ben je organisator? Dan moet je zorgen dat je je informeert bij de uitbater onder welke categorie zijn inrichting valt. Als jij als organisator een uitzondering nodig hebt, moet je dit zelf aanvragen bij het college!

Wist je dat..

  • een vermeerdering van 3dB eigenlijk een verdubbeling is van het geluid?
  • oordopjes dragen helpt tegen gehoorschade?
  • de ‘piep’ in je oor na een avondje uit, wijzen op een overbelasting van je oor?
  • hoe harder het geluid, hoe sneller je gehoorschade kan oplopen
  • bepaalde mensen gevoeliger zijn voor harde geluiden dan anderen?

Wat is dB(A)?

dB(A) is de eenheid die aangeeft hoe sterk (‘hard’) geluid is. Ze is afgeleid van de decibel (dB), maar deze eenheid is aangepast aan de eigenschappen van het menselijke oor. Lage tonen worden door het menselijke oor als ‘zachter’ waargenomen. Hoge geluiden ervaren mensenoren dan weer als luider. Geluidsmetingen in dB(A) houden dan ook rekening met deze eigenschappen van het menselijke oor. Er zijn naast metingen in de A weging ook metingen in B, C of D, maar deze zijn niet van toepassing in de nieuwe normen.

Wat betekent LAeq,15min en LAeq,60min ?

Dit staat voor het equivalent geluidsdrukniveau. De ‘L’ staat voor het geluidsdrukniveau (hoe ‘luid’ of hoe ‘stil’ is het geluid), die gemeten wordt in de ‘A-weging’ (zie andere kader). Het equivalent betekent dat de metingen kunnen gebeuren over een kwartier tijd, of over een uur tijd. Dit omdat tijdens optredens of fuiven zachtere passages afgewisseld worden met stevigere passages. Om een goed beeld te krijgen van het geheel wordt er dus een gemiddelde gemaakt, over een bepaalde tijdsspanne.

Meer informatie

Bij de dienst milieu of:

meer info over de nieuwe geluidsnormen vind je op www.lne.be/geluidsnormen.

meer info over gehoorschade vind je op www.weesnietdoof.behttp://www.ietsminderisdemax.be%20www.lne.be/campagnes/help-ze-niet-naar-de-tuut

Milieu

Markt 1
8755 Ruiselede
milieu@ruiselede.be
051/70-84-14
051/68-79-33
Bekijk openingsuren